Op woensdagmiddag schuift de tafel vol onder het prieel van Spinozahof. In Delft trekt iemand wortels uit de klei. In De Helena ruikt het naar linzencurry terwijl handen groente snijden.
Voedselverbindingsplekken zijn plekken waar mensen samenkomen om te zaaien, te oogsten, te koken en te eten. In tijden van toenemende eenzaamheid en polarisatie ontstaan hier sociale verbindingen en wordt gezond en duurzaam eten vanzelfsprekend. Thuishoren voelt weer mogelijk.
Deze fotoserie volgt drie Haagse locaties gedurende meerdere maanden: Stadsoase Spinozahof, zelfplukmoestuin Landgoed Buitenleeften aanschuiftafel De Volkskeuken.
Fotograaf Marco Rutten legt de alledaagse rituelen vast: de kleine gesprekken, de gedeelde maaltijden, de handen in de aarde.Elk verhaal staat op zichzelf, maar samen tonen ze hoe voedsel in Den Haag buurtgenoten verbindt.
Click on the image to see the full report
Stadsoase Spinozahof
Stadsoase Spinozahof ligt verscholen als een groene binnenplaats midden in het versteende centrum van Den Haag. Waar in 2013 nog braakgrond lag, groeien nu bedden vol groenten, kruiden en bloemen. Meer dan tweehonderd buurtbewoners uit ruim vijfentwintig landen komen hier om te tuinieren, te klussen, koffie te drinken en aan te schuiven bij lunches, workshops, taallessen en buurtavonden.
Terwijl Semrahaar tuintje water geeft, zit Bastiënneaan een houten tafel met nieuwkomer Abraham om Nederlands te oefenen. “Ik voel me nuttig,” zegt ze. Ze eet hier twee keer per week mee; alleen koken en alleen eten, vindt ze, “is gewoon niet leuk.” In het groen wordt samen eten vanzelf een gewoonte, en gezonder, vaak plantaardig eten makkelijker.
Spinozahof is daarmee het vlaggenschip van de voedselverbindingsplekken: open, ontspannen en een voorbeeld voor nieuwe initiatieven.
Landgoed Buitenleeft
Landgoed Buitenleeft, een zelfplukmoestuin van drie hectare in het Delftse Hout, voelt als een adempauze aan de rand van de stad. Tussen kool, kruiden en bloemen schoffelen vrijwilligers tegen het wildkruid, terwijl oogstaandeelhouders met kinderen hun weekoogst binnenhalen.
In de kas plukt vrijwilliger Tony pruimtomaatjes. Na dertig jaar journalistiek vond ze hier buitenwerk en rust zonder sociale druk. “Je kunt komen wanneer je wilt,” zegt ze, “en meedoen op je eigen tempo.” Het helpt, vindt ze, in een wereld waar alles haast heeft: “Haast gaan we niet meer doen.”
Een jongetje houdt winterwortels in zijn knuistje, een expatfamilie leert savooiekool oogsten, en een moeder laat haar zoontje zien hoe spruitjes aan de stam groeien. Zo wordt Buitenleefteen leerplek én gemeenschap waar seizoenen, handen in de aarde en gesprekken vanzelf samenkomen.
De Volkskeuken
De Volkskeuken in De Helena Schilderswijk is een wekelijkse aanschuiftafel waar samen koken en eten bijna vanzelf tot contact leidt. Vanaf half vijf stroomt de keuken vol: iemand snijdt groente, een ander roert in een pan, weer iemand zet thee of spoelt de vaat af.
GemeenschapskokFloris laat het menu ontstaan uit wat lokale, biologisch-dynamische telers en het seizoen brengen. Je weet dus nooit precies wat er op tafel komt, en dat is juist de bedoeling: “Dat doen we allemaal samen,” zegt hij, “iedereen draagt bij aan de sfeer in de keuken.” Rond 18.30 uur schuiven zo’n veertig buurtbewoners aan: vaste gasten, nieuwkomers, hobbykoks, mensen met weinig energie of budget. Je betaalt wat je kunt missen, met een lage richtprijs zodat niemand afhaakt.
Het eten is voedzaam en grotendeels plantaardig, maar het sociale recept is net zo belangrijk: aan het einde van de avond heb je gegeten, meegeholpen, en groet je mensen die een uur eerder nog vreemden waren.